Aanleveren Materiaal

Stuurt u uw drukgegevens a.u.b. in PDF-, TIF-, of JPG-formaat (uitzondering: bij magazines met lijmbinding accepteren wij alleen meerzijdige PDF-bestanden). JPG- en TIF-bestanden worden bij deze producten tegen meerprijs door ons geconverteerd.

Belangrijk: gegevens, die in een beeldbewerkingsprogramma zoals bijv. Photoshop worden aangelegd, mogen uitsluitend als TIF- of JPG bestand worden aangeleverd. De gegevens moeten op de achtergrondlaag worden gereduceerd. Alphakanalen en lagen/beeldvensters zijn niet toegestaan. Dit geldt ook voor Photoshop-bestanden, die in een layoutprogramma worden geplaatst!

TIF
- Op achtergrondlaag reduceren
- Alphakanalen zijn niet toegestaan
- „Paden voor het vrijstellen“ zijn niet toegestaan
- Zonder comprimering opslaan, pixelinstelling Interleaved

JPG
- Alleen een standaard JPG- Formaat gebruiken (bijv. geen JPG 2000)
- Opslaan met maximale kwaliteit en Baseline (standard)

PDF
PDF-gegevens moeten aan de PDF/X-3:2002 voorwaarden voldoen. Deze voorwaarden zijn:
- PDF versie moet 1.3 zijn
- Transparanties zijn niet toegestaan
- gekleurde voorbeeldrasters of tegelpatronen zijn niet toegestaan
- Commentaren en formuliervelden zijn niet toegestaan
- Bestanden niet met wachtwoorden beveiligen
- OPI commentaren zijn niet toegestaan
- „Transfercurves“ zijn niet toegestaan
- Er moet een Output-Intend worden aangegeven

Verder gelden de volgende richtlijnen van PDF/X-3:2002 standaard:

- Lettertekens moeten in paden worden geconverteerd
- Lagen/niveau‘s zijn niet toegestaan
- De aangelegde bestanden in het PDF a.u.b. niet draaien
- gekleurde voorbeeldrasters of tegelpatronen zijn niet toegestaan

Verdere informatie over het thema PDF/X-3:2002 vindt u onder www.pdfx3.org.

Gegevensformaat / marge:

Leg uw gegevens aan zoals in het datablad beschreven.

Denkt u eraan:
aangezien alle gegevens gecentreerd geplaatst worden, moet het motief ook altijd in het midden van de pagina staan! Houdt u a.u.b. de in de databladen aangegeven veiligheidsafstanden bij alle producten aan. Met de verdringing van papier kan bij magazines om productietechnische redenen geen rekening worden gehouden.

Resolutie
- producten met groot formaat (DIN A2 en groter): 100 tot 150 dpi
- stickers in groot formaat (behalve DIN A3): 150 tot 200 dpi
- plots (behalve DIN A3): 150 tot 200 dpi
- stempel: minstens 600 dpi
- alle andere producten: 300 tot 356 dpi

Kleur
- Kleurmodus: CMYK of grijze tinten, 8 Bit/kanaal
- Maximale kleurverzadiging: 260% voor overnight en express, 300% in standaard, 350% bij producten uit de reclametechniek en plots
- Minimale kleurverzadiging: bij een kleurverzadiging van minder dan 10% kan de kleur in het
drukresultaat erg zwak zijn. Let op: 10% geel doet zwakker aan dan 10% cyaan.
- Kleurprofiel: ISO Coated v2 300% (ECI) (verkrijgbaar onder www.eci.org)
- In PDF bestanden mag het kleurprofiel enkel als Output-Intent worden aangelegd
- Bij producten uit de reclametechniek en plots is het correkte kleurprofiel „Europe ISO Coated
FOGRA27“

Stempels
- Kleur: 100% K (zwart / wit), geen grijze tinten / rasters

Grootte van de lettertekens
Lettertekens met een grootte beneden 6 pt dienen in elk geval vermeden te worden.
Warmtepreging vlak
- grootte van de lettertekens met minstens 14 punt aanleggen – de dunste lijn mag 1 mm dik zijn
Stempels
- grootte van de lettertekens met tenminste 7 punt aanleggen – de dunste lijn mag 0,4 mm dik zijn
gedeeltelijke UV-lak
- grootte van het lettertype met minstens 12 punt aanleggen – dunste lijn mag 0,7 mm dik zijn

Zwart op de juiste manier aanleggen
Zwarte en grijze objecten, zoals bijv. teksten en lijnen, moeten altijd in puur zwart worden aangelegd (bijv. cyaan 0%, magenta 0%, geel 0%, zwart 60% of cyaan 0%, magenta 0%, geel 0%, zwart 100%).
Diepzwart zoals bijv. cyaan 40%, magenta 0%, geel 0%, zwart 100% is niet voor teksten en lijnen aan te bevelen aangezien dit sneller tot „flitsen“ en onnauwkeurigheden kan leiden. Bij zwarte vlakken kan een diepzwart bereikt worden door er aandelen van andere kleuren aan toe te voegen. Zo kan men naar eigen smaak net zolang andere kleuren bijvoegen tot de maximale kleurverzadiging voor het product is bereikt.

Lijndiktes
Bij positieve lijnen (donkere lijn op een lichte ondergrond) moet een dikte van tenminste 0,25 pt (0,09 mm) gebruikt worden. Bij negatieve lijnen (lichte lijn op donkere ondergrond) een lijndikte van tenminste 0,5 pt (0,18 mm). Let op: speciaal bij het verkleinen van grafieken moet erop gelet worden dat de lijndiktes niet te gering worden.
Warmtepreging vlak
- lijndikte van tenminste 3 pt (1,06 mm) aanleggen
Stempels
- lijndikte van tenminste 1 pt (0,4 mm) aanleggen
gedeeltelijke UV-lak
- lijndikte met minstens 2 pt (0,7 mm) aanleggen

Bij het niet nakomen van deze voorwaarden kunnen wij niet voor het drukresultaat aansprakelijk worden gesteld.